ECLI:NL:GHARN:2010:BL6456
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J. Lamens
- J. van de Merwe
- A.J.H. van Suilen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen bouwlegesverordening gemeente Apeldoorn en berekening legesbedrag
Belanghebbende werd door de gemeente Apeldoorn een bedrag van € 1.023.012 aan leges voor een bouwvergunning gevorderd. Na bezwaar werd dit bedrag gehandhaafd, maar de rechtbank Zutphen verminderde het tot € 505. De gemeente stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
In hoger beroep stond centraal of de legesverordening verbindend was, welk bedrag als bouwkosten moest worden gehanteerd voor de legesberekening, en of het gevorderde bedrag bevoegdelijk was opgelegd. Het hof bevestigde dat de gemeenteraad autonoom is in het vaststellen van legestarieven en dat de verordening niet willekeurig of onredelijk is.
Verder oordeelde het hof dat de aannemingssom, gebaseerd op offertes van verschillende bedrijven, als bouwkosten geldt en dat posten als verzekeringen en inrichting die niet direct aan het gebouw zelf zijn toe te rekenen, in mindering moeten worden gebracht. Het hof stelde het bedrag waarover leges berekend moeten worden vast op € 42.443.730 exclusief omzetbelasting, wat leidt tot een legesbedrag van € 884.403,75 inclusief omzetbelasting.
Ten slotte werd geoordeeld dat het gevorderde bedrag bevoegdelijk is opgelegd en dat de uitspraak van de rechtbank Zutphen en het bezwaarbesluit van de gemeente Apeldoorn vernietigd worden. De gemeente werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: Het Gerechtshof vernietigt het vonnis van de rechtbank en stelt het gevorderde legesbedrag vast op € 884.403,75.