ECLI:NL:GHARN:2010:BL6464
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over waardebepaling onroerende zaak volgens Wet WOZ
Belanghebbende is eigenaar van een twee-onder-één-kapwoning te Z, waarvan de WOZ-waarde per 1 januari 2007 door de Ambtenaar is vastgesteld op €388.000. Na bezwaar handhaafde de Ambtenaar deze waarde, maar de Rechtbank verlaagde deze tot €372.500. De Ambtenaar stelde hiertegen hoger beroep in, belanghebbende incidenteel.
Het Hof oordeelt dat de Rechtbank ten onrechte de waarde heeft verlaagd, omdat de verlaging minder dan 4% bedroeg, terwijl artikel 26a Wet WOZ bepaalt dat de beschikking als juist moet worden beschouwd bij afwijkingen binnen die marge. Het Hof acht het taxatierapport van de Ambtenaar, waarin een vergelijkingspand met een vergelijkbare woning en recente verkoopprijs is gebruikt, voldoende onderbouwing voor de vastgestelde waarde.
De door belanghebbende overgelegde taxatierapporten zijn minder relevant omdat zij betrekking hebben op eerdere peildata. Het Hof benadrukt dat waardebepaling op basis van eerdere WOZ-waarden of vergelijkbare objecten niet altijd adequaat is, maar dat de Ambtenaar geen begunstigend beleid voert. Het incidentele hoger beroep van belanghebbende wordt afgewezen en het hoger beroep van de Ambtenaar gegrond verklaard.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de WOZ-waarde van €388.000 en wijst het incidentele hoger beroep van belanghebbende af.