ECLI:NL:GHARN:2010:BL9832
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Kosten opleiding paardentandheelkunde geen ondernemingskosten tandarts
Belanghebbende, een tandarts die samen met zijn echtgenote een praktijk voert, bracht kosten van een opleiding paardentandheelkunde in aftrek als ondernemingskosten. De Inspecteur weigerde deze aftrek omdat de opleiding niet tot de onderneming behoorde. De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bevestigt het Hof dat de opleiding paardentandheelkunde niet tot de ondernemingskosten behoort omdat deze niet gericht is op de reguliere tandartspraktijk.
Belanghebbende stelde subsidiair dat de opleiding onderdeel was van een zelfstandige onderneming als paardentandarts, maar het Hof achtte het niet aannemelijk dat in 2002 redelijkerwijs voordeel kon worden verwacht, mede gelet op de geringe omzet in latere jaren.
Verder stelde belanghebbende dat hem door de Inspecteur een toezegging was gedaan over aftrekbaarheid, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt. Het Hof achtte de kosten van de opleiding wel scholingsuitgaven die aftrekbaar zijn als persoonsgebonden aftrek, voor zover deze betrekking hebben op lesgeld, boeken en collegegeld, maar niet voor instrumentaria.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Rechtbank, verklaarde het beroep gegrond, en verminderde de aanslag inkomstenbelasting. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De kosten van de opleiding paardentandheelkunde zijn geen ondernemingskosten, maar wel aftrekbare scholingsuitgaven; aanslag wordt verminderd.