ECLI:NL:GHARN:2010:BM7572
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- E.A.K.G. Ruys
- H.W. Koksma
- E.H. Schulten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding schade onterechte voorlopige hechtenis wegens intimiderend gedrag
Verzoeker werd verdacht van medeplegen van voorbereiding van ernstige delicten en bedreiging in verband met een incident in Utrecht waarbij een groep mannen, waaronder verzoeker, zich dreigend en intimiderend opstelde. Hoewel het tenlastegelegde niet bewezen kon worden, bevestigde het hof dat verzoeker betrokken was bij dit intimiderende optreden.
De zaak eindigde zonder strafoplegging; verzoeker werd vrijgesproken. Vervolgens diende verzoeker een verzoek in tot vergoeding van schade wegens onterecht ondergane verzekering en voorlopige hechtenis. De advocaat-generaal handhaafde het standpunt dat geen vergoeding toekwam, terwijl de raadsvrouw van verzoeker betoogde dat de onschuldpresumptie een vergoeding rechtvaardigde.
Het hof oordeelde dat op grond van artikel 89 Sv Pro alleen bij aanwezigheid van billijkheidsgronden een vergoeding kan worden toegekend. Gezien de dreigende en intimiderende gedragingen van verzoeker en de duur van de voorlopige hechtenis achtte het hof geen gronden van billijkheid aanwezig. Het verzoek werd daarom integraal afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van schade wegens onterechte voorlopige hechtenis wordt afgewezen wegens het ontbreken van billijkheidsgronden.