ECLI:NL:GHARN:2010:BN9266
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- W.M. van Schuijlenburg
- H.J. de Ruijter
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens vormverzuim bij hennepkwekerijonderzoek en schending consultatierecht
De verdachte werd beschuldigd van het telen, bereiden en aanwezig hebben van hennep in een schuur nabij zijn woning. De politie kreeg een melding van een mogelijke hennepplantage en constateerde gezoem van ventilatoren bij de schuur. Op grond hiervan werd de toegang tot de schuur verkregen en een hennepkwekerij aangetroffen.
De verdediging voerde aan dat de melding onvoldoende was voor een redelijk vermoeden en dat er sprake was van een onherstelbaar vormverzuim omdat de verdachte niet voorafgaand aan het verhoor was gewezen op het recht op consultatie van een advocaat. Het hof oordeelde dat de melding en constateringen voldoende concreet waren voor het vermoeden en dat de toegang tot de schuur rechtmatig was.
Echter stelde het hof vast dat verdachte niet was gewezen op zijn consultatierecht vóór het eerste verhoor, wat een schending van het Salduz-arrest inhoudt. Dit vormverzuim leidde tot bewijsuitsluiting van alle verklaringen van verdachte, waardoor onvoldoende wettig bewijs overbleef om hem te veroordelen.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde. Het hoger beroep tegen de vrijspraak van een ander ten laste gelegde feit werd niet ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs door schending van het consultatierecht en vormverzuim.