ECLI:NL:GHARN:2011:BP5777
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van belastbaarheid schadevergoeding en beroep op vertrouwensbeginsel
Belanghebbende ontving in 1993 een schadevergoeding van Waterschap A vanwege werkzaamheden die schade aan zijn watermolen veroorzaakten. Deze vergoeding werd destijds niet als belastbaar inkomen opgegeven en ook door de Inspecteur niet belast. Na een vernietiging van het hoger beroep en terugbetaling in 1998, werd de schadevergoeding in 2000 opnieuw uitgekeerd. Belanghebbende gaf deze vergoeding niet op in zijn aangifte over 2000, waarop de Inspecteur corrigeerde.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of belanghebbende gerechtvaardigd kon vertrouwen op onbelaste behandeling van de schadevergoeding, zowel op grond van de aanslagregeling 1993 en het daaropvolgende boekenonderzoek als op basis van de overeenkomst met de overheid. Het Hof stelde vast dat de omstandigheden na 1993 waren gewijzigd door de terugbetaling en de gemaakte herstelkosten, waardoor het vertrouwen op onbelaste behandeling in 2000 niet redelijk was.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de Belastingdienst of haar vertegenwoordiger bevoegd was om een afwijking van de juiste wetstoepassing toe te staan. Het Hof vernietigde de aanslag over 2000 en stelde het belastbaar inkomen vast op €26.252, terwijl de aanslagen over 2001 en verliesbeschikkingen werden bevestigd.
De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Arnhem op 15 februari 2011, waarbij partijen werden gewezen op de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof vermindert de aanslag over 2000 tot een belastbaar inkomen van €26.252 en verwerpt het beroep op het vertrouwensbeginsel.