ECLI:NL:GHARN:2011:BQ8248
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- A.J. Kromhout
- J. van de Merwe
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke bevestiging binnenlandse belastingplicht en navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1998
Belanghebbende stelde dat hij in 1998 buitenlands belastingplichtig was omdat hij op Bonaire verbleef en aldaar woonde. De Inspecteur stelde dat belanghebbende feitelijk in Nederland woonde en dat hij onjuiste aangifte had gedaan door zijn loon uit Nederland niet aan te geven.
Het Hof nam het oordeel van de Rechtbank over dat belanghebbende voor de belastingheffing als inwoner van Nederland moet worden aangemerkt. Dit oordeel werd ondersteund door verklaringen uit het FIOD-onderzoek en de vastgestelde feiten over het verblijf en werk van belanghebbende.
Belanghebbende voerde aan dat hij zich op Bonaire had gevestigd en dat hij recht had op aftrek van restauratiekosten en betaalde premies. Het Hof oordeelde dat de restauratiekosten niet aftrekbaar waren omdat het onroerend goed geen bron van inkomen vormde en dat de premies niet aftrekbaar waren volgens de wet.
De Inspecteur mocht het loon van belanghebbende alsnog belasten via een navorderingsaanslag. De omkering en verzwaring van de bewijslast was terecht toegepast omdat de aangifte inhoudelijke gebreken vertoonde die leidden tot een aanzienlijk lager aangegeven belastbaar inkomen dan werkelijk verschuldigd.
Het Hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank en wees het beroep van belanghebbende af.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat belanghebbende in Nederland woonde in 1998 en dat de navorderingsaanslag inkomstenbelasting terecht is opgelegd.