ECLI:NL:GHARN:2011:BR1285
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek advocaatkosten bij bestrijding ontslag op staande voet in inkomstenbelasting
Belanghebbende was in dienst bij een vennootschap en werd op staande voet ontslagen. Hij vocht dit ontslag aan via een kortgedingprocedure, waarbij hij zich liet bijstaan door een arbeidsrechtadvocaat. De advocaatkosten bedroegen €24.966, die belanghebbende in 2006 betaalde en in zijn belastingaangifte als aftrekpost opvoerde.
De kortgedingrechter draaide het ontslag terug, maar de advocaatkosten bleven voor rekening van belanghebbende. De Inspecteur van de Belastingdienst weigerde de aftrek van deze kosten bij het opleggen van de aanslag inkomstenbelasting 2006. Zowel bezwaar als beroep bij de rechtbank Arnhem werden ongegrond verklaard.
In hoger beroep bevestigde het gerechtshof Arnhem deze uitspraak. Het hof overwoog dat de Wet inkomstenbelasting 2001 geen aftrek van dergelijke beroepskosten toestaat, ook niet als het gaat om kosten van juridische bijstand bij een arbeidsconflict. Het vertrouwensbeginsel en argumenten over uitlatingen van de Belastingtelefoon werden verworpen. De heffingsrente werd eveneens bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat advocaatkosten voor bestrijding ontslag op staande voet niet aftrekbaar zijn in de inkomstenbelasting 2006.