ECLI:NL:GHARN:2011:BV0325
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid van bestuurder BRR Participaties B.V. afgewezen
BRR Participaties B.V. vorderde in hoger beroep betaling van schadevergoeding van [geïntimeerde], bestuurder van [geïntimeerde] Beheer B.V., wegens vermeend onrechtmatig handelen als bestuurder van [geïntimeerde] Assurantiën B.V. De vordering betrof een bedrag van € 81.366,09 plus rente, gerelateerd aan diverse schadeposten waaronder aandelenwaarde, dividend en advocaatkosten.
Partijen hadden geen overeenstemming bereikt over de beëindiging van hun samenwerking en de verhuizing van de onderneming van [geïntimeerde] Assurantiën. BRR stelde dat de bestuurder in strijd met statutaire bepalingen handelde zonder benodigde goedkeuring, wat tot faillissement van [geïntimeerde] Assurantiën zou hebben geleid.
Het hof oordeelde dat niet is voldaan aan het vereiste van ernstig verwijtbaar handelen door de bestuurder tegenover BRR, mede omdat formele aandeelhoudersvergaderingen ontbraken en BRR op de hoogte was van de handelingen. Tevens ontbrak voldoende onderbouwing dat de gevorderde schade het gevolg was van het vermeende onrechtmatige handelen.
De klacht dat de wijze van leidinggeven tot faillissement leidde, faalde omdat de bestuurder zijn taak tegenover de rechtspersoon en niet tegenover aandeelhouders moest vervullen. De vordering werd daarom afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. BRR werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vordering van BRR af wegens onvoldoende bewijs van aansprakelijkheid.