ECLI:NL:GHARN:2012:BW9470
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.P.M. Kooijmans
- R.A.V. Boxem
- G.W.J.M. Kampschöer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over niet-aftrekbaarheid oprentingslast bij earn-outregeling vennootschapsbelasting
Belanghebbende kocht in 2006 alle aandelen van een vennootschap met een koopprijs die bestond uit een vast basisdeel en een resultaatafhankelijk deel (earn-outregeling) over 2007-2013. De oprentingslast op de nabetalingsverplichting werd door belanghebbende in aftrek gebracht op de winst 2006.
De Inspecteur weigerde deze aftrek, stellende dat de oprentingslast behoort tot voordelen uit hoofde van de deelneming en dus buiten de winstberekening blijft volgens artikel 13 van Pro de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en belanghebbende ging in hoger beroep.
Het Hof oordeelt dat de koopprijs op het moment van de onherroepelijke overeenkomst (31 mei 2006) onzekerheden bevat over omvang en aantal termijnen, waardoor de earn-outregeling van toepassing is. De oprentingslast behoort tot de waardeveranderingen van de verplichting en valt onder de deelnemingsvrijstelling, dus is niet aftrekbaar. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Beide partijen konden beroep in cassatie instellen bij de Hoge Raad. Het Hof veroordeelde partijen niet in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd; de oprentingslast is niet aftrekbaar.