ECLI:NL:GHARN:2012:BX3173
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.A. Dozy
- J.H. Lieber
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Omgangsregeling kind met partner overleden moeder na conflicten tussen ouders
Deze zaak betreft een geschil over de zorg- en omgangsregeling van een jong kind na het overlijden van de moeder. De moeder was kort na de geboorte bij de vader weggegaan en ging samenwonen met haar partner, die het kind mede verzorgde en opvoedde. Na het overlijden van de moeder ontstond een conflict tussen de vader en de partner van de moeder over de zorgverdeling en omgang met het kind.
De vader wilde het kind bij hem en zijn nieuwe partner laten wonen en het contact met de partner van de moeder minimaliseren, terwijl de moeder wilde dat de partner haar rol voortzette. Diverse instanties, waaronder de Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg, benadrukten het belang van contact tussen het kind en de partner van de moeder vanwege de hechtingsrelatie.
Het hof oordeelde dat het gezag bij de vader ligt en dat het kind recht heeft op omgang met de partner van de moeder, die als een belangrijke hechtingsfiguur wordt gezien. Gezien de slechte verstandhouding tussen de vader en de partner van de moeder is co-ouderschap niet haalbaar, maar het kind moet wel substantieel contact houden met de partner. Het hof stelde een omgangsregeling vast waarbij het kind om de week van vrijdagmiddag tot zondag bij de partner van de moeder verblijft.
De vader wordt geacht zijn verantwoordelijkheid te nemen en de omgangsregeling constructief uit te voeren. De beschikking van de rechtbank wordt vernietigd voor zover deze aan het hof is voorgelegd en opnieuw vastgesteld. De proceskosten worden in beide instanties gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof stelt een omgangsregeling vast waarbij het kind om de week van vrijdagmiddag tot zondag bij de partner van de overleden moeder verblijft.