ECLI:NL:GHARN:2012:BY1913
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging urencriterium en toepassing zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling bij agrarische ondernemer
Belanghebbende, een agrarische ondernemer, stelde in hoger beroep dat hij in 2007 niet voldeed aan het urencriterium van 1.225 uren vanwege de ziekte van zijn echtgenote en het ontbreken van een urenstaat. De Inspecteur stelde dat belanghebbende wel aan het urencriterium voldeed, onderbouwd met gegevens uit de Gecombineerde opgave (GDI), de omvang van de melkveehouderij en eerdere aangiften.
Het Hof oordeelde dat de Inspecteur aan zijn bewijslast had voldaan. Het Hof nam mee dat de GDI door belanghebbende zelf was ingevuld en ondertekend, dat de omvang van het bedrijf en de arbeidstijd van belanghebbende consistent waren met het urencriterium, en dat de ziekte van de echtgenote onvoldoende aannemelijk maakte dat het urencriterium niet was gehaald.
Daarmee was voldaan aan het urencriterium, waardoor belanghebbende recht had op zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling. Het Hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank dat het verlies uit onderneming terecht was vastgesteld op € 381.585 negatief.
Er werd geen aanleiding gezien voor een kostenveroordeling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd dat belanghebbende voldoet aan het urencriterium en de zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling terecht zijn toegepast.