Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.Tenlastelegging
3.Procesgang
4.Hoger beroep
5.Omvang van het appel en geldigheid van de dagvaarding
6.Het vonnis waarvan beroep
7.Rechtsmacht en verdragsrechtelijke bevoegdheden
- het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (United Nations Convention on the law of the Sea), (hierna: UNCLOS), en
- het Verdrag tot bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van de zeevaart (Convention for the Suppression of Unlawful Acts against the Safety of Maritime Navigation), (hierna: SUA).
- overgedragen aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat of de derde Staat die deelneemt aan de operatie waarvan het schip dat tot gevangenneming is overgegaan, de vlag voert, of
- indien deze Staat zijn rechtsmacht niet kan of wil uitoefenen, aan een lidstaat of een derde Staat die die rechtsmacht wil uitoefenen ten aanzien van de bovengenoemde personen of goederen”.
Nu evident is dat de pogingsgedragingen niet aan boord van een Nederlandse vaartuig hebben plaats gevonden, ontbreekt rechtsmacht op grond van artikel 3 Sr Pro voor de onder 2 ten laste gelegde feiten.
Daarnaast heeft het openbaar ministerie zich op het standpunt gesteld dat indien artikel 4, onderdeel 8, sub a, Sr geen of onvoldoende basis vormt voor de rechtsmacht inzake feit 2 betreffende de poging levensdelicten, een basis voor de rechtsmacht inzake
8.De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
Camp Grisby staat bekend als een locatie waar vandaan piraterijactiviteiten worden georganiseerd. In de directe omgeving liggen diverse gekaapte schepen voor anker.
Het betreft 1 RPG lanceerbuis met munitie, 1 AK58P machinegeweer met munitie, 1 PKM machinegeweer, 3 houders van een AK en 1 mes.
In het kader van de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie is door de verdediging veel verweer gevoerd. Een groot deel van die verweren vond zijn grondslag in de samenwerking tussen Defensie en het openbaar ministerie, meer in het bijzonder in de afweging tussen strafvorderlijke belangen en defensiebelangen.
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Grondslag bevoegdheden Koninklijke Marine
Benadering voor het schietincident
Benadering na het schietincident
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
equality of armsbeginsel. Echter, niet elke, door de verdediging opgegeven, getuige moet ook worden opgeroepen, maar alleen voor zover dat nodig is om een
equality of armste bewerkstelligen.
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
Standpunt van de verdediging
Standpunt van het openbaar ministerie
Oordeel van het hof
- ten aanzien van de getuigen in Iran het ministerie van Buitenlandse Zaken zijn diplomatieke kanalen niet zou openstellen voor een rechtshulpverzoek en het dus niet mogelijk was een rechtshulpverzoek in te dienen. De gecompliceerde diplomatieke betrekkingen lagen hieraan ten grondslag.
- ten aanzien van de getuigen te Somalië werd door het ministerie van Buitenlandse Zaken negatief geadviseerd ten aanzien van het indienen van een rechtshulpverzoek. Ten aanzien van een rogatoire reis naar Somalië werd verwezen naar de onveiligheid van een onderzoeksmissie en de onzekerheid of de Federal Government of Somalia in staat was het verzoek in behandeling te nemen. De optie om getuigen te bewegen naar Kenia af te reizen werd niet opportuun geacht, waarbij werd verwezen naar de rechtstatelijke complicaties, geringe kans van slagen en de gevaren voor de getuigen wanneer zij op instigatie van Nederland moeten reizen van Somalië naar Kenia, welke buiten proportie worden geacht.
9.De vordering van het openbaar ministerie en het standpunt van de verdediging
10.Vrijspraak
11.Bewezenverklaring
12.Bewijsvoering
13.Algemene bewijsoverwegingen
14.Nadere bewijsoverwegingen
Auditief of audiovisueel geregistreerd
Ondervragingsrecht
Dwang
Voorwaardelijk verzoek horen G14
15.Beoordeling van feit 1
Schipper
Gepleegde daden van geweld tegen de Feddah en andere schepen
Uitleg ‘dienst nemen’
Standpunt van de verdediging
Oordeel van het hof
Geen ‘machtiging’ of ‘oorlogsmarine’
Anti-piraterijmissie
Visserij
16.Beoordeling van feit 2
17.Kwalificatie van het bewezenverklaarde
18.Strafbaarheid van de verdachte
19.Strafmotivering
20.Toepasselijke wettelijke voorschriften
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) jaren en 6 (zes) maanden.