ECLI:NL:GHDHA:2014:4101
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Bevestiging erfbelastingaanslag bij fictief legaat woning met vruchtgebruik
Belanghebbende kreeg in 2011 een erfbelastingaanslag opgelegd naar aanleiding van de verkrijging van een woning van de erflaatster. De Inspecteur had de woning als fictief legaat belast op grond van artikel 10, derde lid, Successiewet 1956, omdat de erflaatster een genot van vruchtgebruik had en de huur minder was dan zes procent van de WOZ-waarde.
De rechtbank had de aanslag verminderd en de uitspraak op bezwaar vernietigd, maar het Gerechtshof bevestigt deze uitspraak. Het Hof oordeelt dat de toepassing van artikel 10, derde lid, terecht is omdat belanghebbende een lagere waarde dan de volle waarde toepaste, waardoor een eigendomsrecht werd omgezet in een fiscaal vruchtgebruik.
Belanghebbende voerde aan dat de koopprijs marktconform was en dat de erflaatster een marktconforme huur betaalde, maar het Hof volgt dit niet. Het Hof benadrukt de heffingssystematiek waarbij de woning wordt geacht krachtens erfrecht te zijn verkregen met vruchtgebruik ten laste van de erflaatster.
Het Hof verklaart het hoger beroep ongegrond en veroordeelt geen partij in de proceskosten. De uitspraak is op 12 december 2014 in het openbaar uitgesproken door een meervoudige kamer van het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de erfbelastingaanslag blijft gehandhaafd.