Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De verdere loop van het geding
2.De nadere beoordeling van het hoger beroep
- [appellante] is sinds 1 augustus 1984 in dienst van Lucas.
- Wegens een hypothecaire lening heeft, althans had, [appellante] sedert februari 2002 een schuld aan CVB Bank N.V., later RegioBank N.V., thans SNS Bank N.V. (verder alle: de bank).
- [appellante] heeft bij akte van 26 december 2005 - kort gezegd - al haar vorderingen jegens Lucas tot zekerheid aan de bank verpand.
- De bank heeft de pandakte op 16 februari 2006 aan Lucas gezonden met het verzoek om € 1.432,55 per maand aan de bank te betalen. Lucas heeft hieraan vanaf 2006 gevolg gegeven. Het genoemde bedrag is nadien meerdere keren - in relatief geringe mate - gewijzigd.
- Het netto salaris van [appellante] bedroeg circa € 1.400,- per maand.
- [appellante] liet meerdere schulden van diverse schuldeisers onbetaald. Schuldeisers poogden deze vorderingen te innen.
- In maart 2011 heeft [appellante] aan Lucas verzocht om bij de maandelijkse inhoudingen op haar salaris ten behoeve van de bank, rekening te houden met de beslagvrije voet. Lucas heeft aan dat verzoek gevolg gegeven.
- In juli 2011 heeft de bank als vervolg daarop aan [appellante] medegedeeld dat vanwege haar schuld aan de bank de met hypotheek belaste woning diende te worden verkocht.