ECLI:NL:GHDHA:2016:1306
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- N. Schaar
- R.F. de Knoop
- E.P.J. Myjer
- Rechtspraak.nl
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk wegens schending fair trial bij getuigenverhoor
De verdachte werd verdacht van verduistering van een portemonnee op Schiphol in 2006. Na meerdere veroordelingen en cassaties door de Hoge Raad werd de zaak terugverwezen naar het gerechtshof Den Haag. Een belangrijke getuige, woonachtig in Australië, werd niet gehoord in eerste aanleg, wat leidde tot meerdere cassaties vanwege ontoereikende motivering van afwijzing van het getuigenverzoek.
Het gerechtshof probeerde de getuige via telehoren te horen, maar deze weigerde en de Australische autoriteiten verleenden geen dwangmaatregelen. Het hof constateerde dat het jarenlang uitstellen van het horen van getuigen de rechtspleging schaadt en dat het horen van getuigen idealiter in eerste aanleg moet plaatsvinden.
Gezien de weigering van de getuige en het ontbreken van dwangmiddelen achtte het hof het niet langer verantwoord om de getuige te horen. Het hof oordeelde dat door deze situatie het fair trial-beginsel zodanig is geschonden dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vervolging van de verdachte.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens schending van het fair trial-beginsel.