Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 29 mei 2018
Dexia Nederland B.V.,
[geïntimeerde],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
Wij zijn bereid voor u een procedure te voeren tegen Dexia Bank.
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele zaak stond de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten centraal na beëindiging van effectenleaseovereenkomsten tussen Dexia en [geïntimeerde]. De rechtbank Den Haag had Dexia veroordeeld tot vergoeding van € 968 aan buitengerechtelijke kosten, gebaseerd op het rapport Voorwerk II.
Dexia stelde in hoger beroep dat de kosten onterecht waren toegewezen omdat de overeenkomst met Leaseproces alleen zag op het voeren van een procedure en dat de buitengerechtelijke werkzaamheden beperkt waren tot enkele sommatiebrieven. Ook voerde Dexia verjaring aan van de vordering tot vergoeding van deze kosten.
Het hof oordeelde dat de overeenkomst tussen [geïntimeerde] en Leaseproces mede zag op buitengerechtelijke kosten en dat de werkzaamheden van Leaseproces, waaronder dossierbeheer, advisering en stuiting van verjaring, grotendeels onder de instructie van de zaak vallen. Echter, de herhaalde sommatiebrieven werden als redelijke buitengerechtelijke kosten aangemerkt. De stelling van verjaring werd verworpen omdat Dexia voldoende op de hoogte was van de vordering tot vergoeding van deze kosten.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde Dexia tot vergoeding van de buitengerechtelijke kosten en de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat Dexia buitengerechtelijke incassokosten aan [geïntimeerde] moet vergoeden.