Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
beschikking van 27 november 2018
[verzoekster] ,
IMA Contact B.V.,
Het verloop van het geding
Beoordeling van het hoger beroep
Het gaat in deze zaak om het volgende:
Gerechtshof Den Haag
Verzoekster trad op 13 september 2017 in dienst bij IMA Contact B.V., een startende onderneming, maar ontving haar loon niet tijdig. Op 14 december 2017 vond een gesprek plaats over een vermeende wijziging van een e-mail door verzoekster, waarna zij zich ziek meldde. IMA stelde dat verzoekster op staande voet was ontslagen vanwege het wijzigen van opdrachten en arbeidsovereenkomsten.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag rechtsgeldig was, maar het hof vernietigde deze beslissing. Het hof vond dat IMA onvoldoende bewijs had geleverd voor de dringende reden voor ontslag, met name omdat de beschuldigingen van vervalsing en schade niet concreet waren onderbouwd.
Het hof oordeelde dat het dienstverband niet hersteld kon worden vanwege de verstoorde arbeidsrelatie en veroordeelde IMA tot betaling van een billijke vergoeding van €35.058,- en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging van €9.043,23. Tevens werd IMA veroordeeld tot betaling van achterstallig salaris, wettelijke verhoging, rente en proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wordt vernietigd en IMA wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig salaris, billijke vergoeding en vergoeding wegens onregelmatige opzegging.