ECLI:NL:GHDHA:2018:3929
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herstelarrest over proceskostenveroordeling in civiele procedure tussen appellant en buitenlandse vennootschap
In deze civiele procedure stond een geschil centraal tussen appellant en de buitenlandse vennootschap ZAO Trest Koksokhimmontazh. Het hof had eerder op 21 januari 2017 een incidentele vordering van appellant tot zekerheidstelling afgewezen en bepaald dat appellant bij het eindarrest in de kosten van het incident zou worden veroordeeld. In het eindarrest van 10 juli 2018 ontbrak echter een expliciete beslissing over deze proceskosten.
De vennootschap verzocht het hof om het arrest aan te vullen met een beslissing over de proceskostenveroordeling. Het hof stelde vast dat het verzuimd had dit in het dictum van het eindarrest op te nemen en besloot daarom het dictum te verbeteren. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het incident tot zekerheidstelling, begroot op € 1.074 aan advocaatkosten, en deze veroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
De verbetering van het dictum werd op 9 oktober 2018 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. Voor het overige bleef het arrest ongewijzigd. Appellant heeft niet gereageerd op het verzoek tot aanvulling van het arrest.
Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld in de kosten van het incident tot zekerheidstelling van € 1.074, uitvoerbaar bij voorraad.