ECLI:NL:GHDHA:2018:3929

Gerechtshof Den Haag

Datum uitspraak
9 oktober 2018
Publicatiedatum
28 maart 2019
Zaaknummer
200.196.421/01H
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 32 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest over proceskostenveroordeling in civiele procedure tussen appellant en buitenlandse vennootschap

In deze civiele procedure stond een geschil centraal tussen appellant en de buitenlandse vennootschap ZAO Trest Koksokhimmontazh. Het hof had eerder op 21 januari 2017 een incidentele vordering van appellant tot zekerheidstelling afgewezen en bepaald dat appellant bij het eindarrest in de kosten van het incident zou worden veroordeeld. In het eindarrest van 10 juli 2018 ontbrak echter een expliciete beslissing over deze proceskosten.

De vennootschap verzocht het hof om het arrest aan te vullen met een beslissing over de proceskostenveroordeling. Het hof stelde vast dat het verzuimd had dit in het dictum van het eindarrest op te nemen en besloot daarom het dictum te verbeteren. Appellant werd veroordeeld in de kosten van het incident tot zekerheidstelling, begroot op € 1.074 aan advocaatkosten, en deze veroordeling werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

De verbetering van het dictum werd op 9 oktober 2018 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. Voor het overige bleef het arrest ongewijzigd. Appellant heeft niet gereageerd op het verzoek tot aanvulling van het arrest.

Uitkomst: Appellant wordt veroordeeld in de kosten van het incident tot zekerheidstelling van € 1.074, uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

GERECHTSHOF DEN HAAG

Afdeling Civiel recht
Zaaknummer : 200.196.421/01
Rolnummer rechtbank : C/10/476349 / HA ZA 15-551

Beslissing van 9 oktober 2018

inzake

[naam] ,

wonende te [woonplaats] ,
appellant,
hierna te noemen: [appellant] ,
advocaat: voorheen (tot pleidooi in hoger beroep) mr. A.M. van Heest te Rotterdam,

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht
ZAO Trest Koksokhimmontazh,
gevestigd te Moskou, Russische Federatie,
geïntimeerde,
hierna te noemen: Trest,
advocaat: mr. W.A. Timmermans te Leiden.
Het hof heeft op 10 juli 2018 in bovengenoemde zaak arrest gewezen.
Het hof heeft kennis genomen van het verzoek van Trest bij brief van mr. Timmermans van 16 juli 2018 om het arrest aan te vullen. Daartoe wordt aangevoerd dat het hof bij arrest van 21 januari 2017 de incidentele vordering van [appellant] tot het stellen van zekerheid heeft afgewezen en daarbij heeft bepaald dat [appellant] als de in het ongelijk gestelde partij bij eindarrest in de hoofdzaak zal worden veroordeeld in de kosten van het incident, terwijl in het dictum de beslissing over de proceskosten is aangehouden tot de einduitspraak. In het eindarrest van 10 juli 2018 ontbreekt een dergelijke beslissing evenwel, aldus Trest. Daarom verzoekt zij het hof op grond van artikel 32 Rv Pro. alsnog een beslissing terzake te nemen.
De griffier heeft [appellant] bij brief van 23 juli 2018 in de gelegenheid gesteld op dit verzoek te reageren. [appellant] heeft hierop niet gereageerd.
Het hof zal het verzoek toewijzen. Daartoe overweegt het hof dat het inderdaad verzuimd heeft in het dictum van het eindarrest [appellant] te veroordelen in de kosten van het incident tot zekerheidstelling.

Beslissing

Het Hof:
verbetert het dictum als volgt:
- veroordeelt [appellant] in de kosten van het incident tot zekerheidstelling, tot op heden aan de zijde van Trest begroot op € 1.074 aan salaris van de advocaat;
- verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Deze verbetering wordt aangebracht op de minuut en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2018.
Voor het overige blijft het arrest, ook wat betreft de datum van uitspraak, geheel in stand.
Deze beslissing is gegeven door mrs. C.J. Verduyn, H.J. van Kooten en R.F. Groos.