Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 7 mei 2019
[X] te [Z] , belanghebbende,
de Belastingdienst, kantoor Rotterdam, de Inspecteur,
Procesverloop
- Rapportage onderzoek [X] (toelichting op de blauwdrukken IB en OB);
- De blauwdrukken IB en OB inclusief indieningstijdstippen;
- Brief dhr. [X] d.d. 5 juni 2015 aan Belastingdienst Rotterdam;
- Zes (beantwoorde) vragenlijsten actualiteitsbezoeken 6 en 21 juni 2016;
- (blanco) antwoordformulier CA belastingdienst (kenmerk B/CAUPB/14/176 1043/MD);
- Ingevuld antwoordformulier aangifte IB 2011 [C] d.d. 29 maart 2016;
- Ingevuld antwoordformulier aangifte IB 2011 [D] ;
- Elf verslagen feitenonderzoek bij dertien particulieren;
- Bericht UPC d.d. 3 oktober 2014 over tenaamstelling IP-adres […] ;
- Toestemming OM d.d. 23 maart 2016 tot verstrekken van gegevens uit het proces-verbaal ten behoeve van de heffing en inning van belastingheffing;
- Processen-verbaal van de zes, door de FIOD Belastingdienst, afgenomen verhoren van dhr. [X] ;
- Proces-verbaal FIOD Zaaksdossier zaak [E] Belastingfraude.
Vaststaande feiten
“Rapportage casus [X]
Gevolgen achterstand administratie
Regelgeving
- Rechten, plichten en de voor de belastingheffing van belang zijnde gegevens blijken altijd uit de administratie: artikel 52, eerste lid van de Algemene wet inzake rijksbelastingen
- De administratie is dusdanig ingericht, wordt zo gevoerd en bewaard dat een onderzoek daarvan binnen redelijke termijn mogelijk is: artikel 52, zesde lid van de Algemene wet inzake rijksbelastingen
- Verzwaring bewijslast in bezwaar- en beroepsfase: artikel 25, derde lid en artikel 27e van de Algemene wet inzake rijksbelastingen
Informatiebeschikking
Algemene wet rijksbelastingen). U kunt er naar aanleiding van deze beschikking voor kiezen alsnog de gevraagde informatie te verstrekken. In dat geval verzoek ik u met mij contact op te nemen om een termijn daarvoor af te spreken.
Omschrijving geschil in hoger beroep, standpunten en conclusies van partijen
Oordeel van de rechtbank
“ [F] ”.De activiteiten bestaan uit het verrichten van lichte administratieve werkzaamheden voor particulieren. [Belanghebbende] betwist niet dat in de jaren 2013 en 2014 aangiftes vanaf zijn IP-adres zijn gedaan. Het gestelde misbruik van zijn IP-adres heeft [belanghebbende], op wie hiervan de bewijslast rust, op geen enkele wijze onderbouwd, zodat aan die stelling voorbij wordt gegaan.
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank;
- verklaart het beroep ongegrond;
- handhaaft de informatiebeschikking, en
- verstaat dat belanghebbende binnen een termijn van zes weken gehouden is alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.
1. Bij het beroepschrift wordt een kopie van deze uitspraak gevoegd.
2. Het beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:
- de naam en het adres van de indiener;
- de dagtekening;
- de vermelding van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;
- de gronden van het beroep in cassatie.