ECLI:NL:GHDHA:2019:407
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen onderbewindstelling en verzoek tot ondercuratelestelling afgewezen
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de onderbewindstelling van de rechthebbende gehandhaafd moest blijven en of er aanleiding was voor ondercuratelestelling. Het hof benoemde een deskundige psychiater die rapporteerde dat de rechthebbende in staat is haar vermogensrechtelijke belangen zelfstandig te behartigen zonder dat sprake is van een geestelijke of lichamelijke stoornis.
De deskundige concludeerde dat de rechthebbende zich bewust is van haar kwetsbaarheid en maatregelen heeft genomen om misbruik te voorkomen. Er is geen sprake van verkwisting of problematische schulden. Ook het verzoek tot mentorschap werd afgewezen omdat de geestelijke of lichamelijke toestand van de rechthebbende dit niet rechtvaardigt.
Het hof vernietigde daarom de ambtshalve onderbewindstelling die door de kantonrechter was ingesteld en wees het verzoek tot ondercuratelestelling af. De kosten van de deskundige werden vastgesteld en aan de verweersters opgelegd. De overige proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De onderbewindstelling wordt vernietigd en het verzoek tot ondercuratelestelling wordt afgewezen.