Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.Wintershall Noordzee B.V.,
Wintershall Global Support B.V.,
1.[geïntimeerde 1] ,
[geïntimeerde 2],
[geïntimeerde 3],
[geïntimeerde 4],
[geïntimeerde 5],
[geïntimeerde 6],
[geïntimeerde 7],
[geïntimeerde 8],
[geïntimeerde 9],
[geïntimeerde 10],
[geïntimeerde 11],
[geïntimeerde 12],
[geïntimeerde 13],
[geïntimeerde 14],
[geïntimeerde 15],
[geïntimeerde 16],
[geïntimeerde 17],
[geïntimeerde 18],
[geïntimeerde 19],
[geïntimeerde 20],
[geïntimeerde 21],
[geïntimeerde 22],
[geïntimeerde 23].
[geïntimeerde 24],
[geïntimeerde 25],
[geïntimeerde 26],
[geïntimeerde 27],
[geïntimeerde 28],
[geïntimeerde 29],
[geïntimeerde 30],
[geïntimeerde 31],
[geïntimeerde 32],
[geïntimeerde 33],
[geïntimeerde 34],
[geïntimeerde 35],
[geïntimeerde 36],
[geïntimeerde 37],
[geïntimeerde 38],
[geïntimeerde 39],
[geïntimeerde 40],
[geïntimeerde 41],
[geïntimeerde 42],
[geïntimeerde 43],
“The decision on whether, and in what amount, and according to which policy MORE will also be offered in the future, is entirely at the discretion of the Board of Directors of Wintershall (…) Further, no legal claim to continuation or compensation can arise for the future because of a long period of application of the MORE Program.”
Salary”€ (…) per month € gross p/y
We would also like to highlight our “company bonus”. Although it is not an employment benefit as it is “under management discretion” (meaning that the prospective bonus and amount is reviewed annually by management)“
“Your annual gross salary will amount to approximately € (....) based on a gross monthly salary of € (...). This annual salary includes vacation allowance (8%), 13th month bonus, ADV bonus*, MORE** (...).
protection of legitimate expectation”.
“Wintershall aims to be an attractive employer providing a benefîts package that takes into account the dynamics of the competitive E & P market. For this reason Wintershall introduced the (...) (MORE) Program more than 10 years ago. This MORE Program entails a company benefit of which the amounts can be adjusted or withdrawn at any time at the discretion of the Board of Executive Directors of Wintershall Holding GmbH. No legal claim to continuation or compensation for the future can arise, even if the MORE allowance has been granted over a longer period of time,
FNV/ […]). Tegen de achtergrond van dit toetsingskader overweegt het hof het volgende.
in de gelegenheid te stellen een realistische financiële planning te maken.” Artikel 4 van Pro de regeling (ook in de elkaar opvolgende versies van de regeling) laat over het voorwaardelijke karakter geen enkel misverstand bestaan. Bij iedere aanpassing van de regeling is ook aan de werknemers per brief meegedeeld dat aan de duur van de regeling en/of de hoogte van de toeslag geen rechten voor de toekomst ontleend konden worden.
“Verweerster[lees: Wintershall]
heeft aangegeven dat de situatie in Nederland niet alarmerend was en is voor wat betreft het verloop in de onderhavige functies”te worden geplaatst. Daarmee heeft Wintershall, zo begrijpt het hof, (enkel) willen aangeven dat de arbeidsmarkt het niet noodzakelijk maakte om voor haar werknemers vanaf 56 jaar, een bindingstoeslag toe te kennen. Een en ander betekent echter niet dat Wintershall daarmee de koppeling tussen de MORE-toeslag en de krapte op de arbeidsmarkt zou hebben losgelaten en dat de toeslag tot een vast onderdeel van het salaris zou zijn verworden. Voor een gerechtvaardigd vertrouwen zoals in dit kader door [geïntimeerde 1] c.s. gesteld, ontbreekt iedere grond.
job grades)hoger werden gewaardeerd, andere schalen gelijk bleven en weer andere functieschalen recht op een lagere MORE-toeslag kregen. Er is destijds aan de werknemers wiens toeslag volgens de gewijzigde regeling zou worden verlaagd op 24 september 2013 in een bericht van de HR & Office Manager [HR & Office Manager] aan de werknemers gecommuniceerd dat de toeslag op 15% gehandhaafd bleef vanwege “
protection of legitimate expectation”. Het hof acht deze zinsnede in combinatie met de handhaving van het toeslagpercentage op 15% voor de lager ingeschaalde werknemers die al in dienst waren onvoldoende om hieraan de conclusie te kunnen verbinden dat Wintershall voor alle huidige en toekomstige werknemers afstand zou hebben genomen van het voorwaardelijke karakter van de regelingen, de toeslagen over de hele linie tot in lengte der jaren minimaal op het niveau van oktober 2013 zou houden en nooit in neerwaartse zin zou bijstellen in geval van gewijzigde omstandigheden op de arbeidsmarkt. De situatie in 2013 was wezenlijk anders dan in 2016, omdat de wijziging in 2013 betekende dat sommige categorieën van werknemers een lagere toeslag zouden krijgen, terwijl andere werknemers een hogere toeslag zouden krijgen. Om onrust binnen de organisatie te voorkomen heeft Wintershall in 2013 bepaald dat de toeslag voor de werknemers die recht zouden krijgen op een lagere toeslag op 15% gehandhaafd bleef. In 2016 werd voor alle werknemers de MORE-toeslag verlaagd.
“BP schrapt nog eens 4000 banen”,Financieel Dagblad 12 januari 2016;
“Ontslaggolf in Nederlandse offshore”, Telegraaf 31 januari 2016 en
“Shell zet flink het mes in Nederlands personeel”, Algemeen Dagblad 20 april 2016.
Stoof/Mammoetarrest niet het toetsingskader voor de vraag of Wintershall gebruik mocht maken van haar discretionaire bevoegdheid om de regeling aan te passen. Wintershall hoeft niet aan te tonen dat ongewijzigde voortzetting van de regeling onaanvaardbaar is, gelet op het voorwaardelijke karakter van de regeling. Het gaat hier om de vraag of Wintershall – binnen de grenzen van het goed werkgeverschap ex art. 7:611 BW Pro – gerechtigd was, vanwege de gewijzigde situatie op de arbeidsmarkt in 2016, de MORE-toeslag te verlagen.
job offers) als ook in de gesprekken die in het kader van de sollicitatieprocedure zijn gevoerd. Het hof zal op beide onderdelen van de door [geïntimeerde 1] c.s. geponeerde stelling ingaan. Wintershall heeft ter gelegenheid van het pleidooi bevestigd dat het indiensttredingsproces als volgt ging. Er werd gesproken over het salaris. Vervolgens ontving de werknemer een
job offer. Daarin stond ook de MORE-toeslag. Als de potentiële werknemer zich kon vinden in de hoogte van het salarispakket, werden de arbeidsvoorwaarden inclusief MORE-regeling toegestuurd. Vervolgens werd de arbeidsovereenkomst ondertekend. Dit is het standaard proces, waarvan in een enkel geval is afgeweken (waardoor de MORE-voorwaarden pas later zijn toegestuurd). Gelet op de door beide partijen geschetste gang van zaken, is het hof van oordeel dat pas nadat partijen het eens waren geworden over de essentialia van de arbeidsovereenkomst, [geïntimeerde 1] c.s. kennis hebben genomen van de MORE-voorwaarden. Immers partijen kwamen in feite tot overeenstemming nadat de werknemer de aanbiedingsbrief had ontvangen en pas daarna werden de MORE-voorwaarden toegezonden.
under management discretion”, leidt evenmin tot de conclusie dat de MORE-toeslag als geheel, inclusief de hoogte ervan, als een vaste arbeidsvoorwaarde in de aanbiedingsbrieven is gepresenteerd. Op dit punt heeft Wintershall uitgelegd dat dit zo is geformuleerd omdat op het moment van het schrijven van de aanbiedingsbrieven nog niet vaststaat dat er überhaupt een bonusbetaling zal plaatsvinden en zo ja, hoe hoog, terwijl de hoogte van de MORE-toeslag waarop de werknemer op dat moment recht heeft wel bekend is. Om deze reden wordt in de aanbiedingsbrieven de discretionaire bevoegdheid ten aanzien van de bonus expliciet benoemd. Nergens in deze brieven wordt het woord ‘vast’ gebruikt in relatie tot de MORE-toeslag. Uit de omstandigheid dat de MORE-toeslag is meegenomen in de bruto-netto berekening in het kader van de aanbiedingsbrieven kan naar het oordeel van het hof evenmin worden afgeleid dat de hoogte van de MORE-toeslag een vaste toeslag is.
toeslag* Datum indiensttreding Aanvang MORE
- verwijst de zaak naar de rol van 14 december 2020 zodat [geïntimeerde 1] c.s. opgaaf kunnen doen van:
- de geïntimeerden die bewijs willen leveren van hun stelling dat voorafgaand aan het sluiten van hun arbeidsovereenkomst mededelingen door Wintershall aan hen zijn gedaan met als strekking dat de MORE-toeslag een vaste toeslag was (ook voor wat betreft de hoogte); alsmede
- de verhinderdata van de partijen en de te horen getuigen in de maanden januari 2021 t/m april 2021;
- bepaalt dat, indien voornoemde geïntimeerden getuigen willen doen horen, de getuigenverhoren zullen worden gehouden in een der zittingszalen van het Paleis van Justitie aan de Prins Clauslaan 60 te Den Haag ten overstaan van de hierbij benoemde raadsheer-commissaris mr. S.R. Mellema;
- verstaat dat het hof reeds beschikt over een kopie van de volledige procesdossiers in eerste aanleg en in hoger beroep, inclusief producties, zodat overlegging daarvan voor het getuigenverhoor niet nodig is;
- houdt iedere verdere beslissing aan.