Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 7 april 2020
[X] B.V.,
[Y] B.V., en
[Z] B.V.,
Het verloop van de procedure in hoger beroep
In de incidenten
rechtens noodzakelijkis dat de beslissing ten aanzien van al die betrokkenen in de zelfde zin luidt. Dit mag slechts worden aangenomen als de aard en inhoud van de rechtsverhouding dat noodzakelijk maken. Daarvan is in het algemeen slechts sprake als de werking of uitvoering van een rechterlijke uitspraak onvoldoende effectief is door de omstandigheid dat deze niet tussen alle bij de rechtsverhouding betrokken personen geldt. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een uitspraak over de status van een perceel met meerdere eigenaren, of bij de afwikkeling van een onverdeelde boedel met meerdere gerechtigden. Van iets dergelijks is in deze zaak geen sprake.
wenselijkis dat anderen in de procedure worden betrokken omdat het risico van tegenstrijdige uitspraken dan kan worden vermeden, moet worden onderscheiden van de situatie dat een eensluidende beslissing rechtens
noodzakelijkis, zoals in de hiervoor genoemde voorbeelden. De mogelijkheid van tegenstrijdige uitspraken over hetzelfde feitencomplex is op zichzelf niet voldoende om van een ondeelbare rechtsverhouding te spreken.