Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 7 december 2021 (bij vervroeging)
[appellant] ,
[geïntimeerde] ,
Het geding
- het exploot van 15 september 2020 waarbij de man in hoger beroep is gekomen van een door de rechtbank Den Haag tussen partijen gewezen vonnis van 15 juli 2020, welk vonnis is verbeterd bij vonnis van 9 september 2020 (hierna: het bestreden vonnis); in deze dagvaarding heeft de man acht grieven aangevoerd en producties overgelegd;
- de memorie van antwoord met producties, waarbij de vrouw tevens incidenteel appel heeft ingesteld; in dit incidenteel appel heeft de vrouw tien grieven aangevoerd en een aanvullende vordering ingediend;
- de memorie van antwoord in incidenteel appel, tevens houdende akte vermeerdering van eis van de man, met producties;
- op 22 oktober 2021een brief van 21 oktober 2021 met bijgevoegd de producties 18 tot en met 20, van de man;
- op 22 oktober 2021 een brief van 22 oktober 2021 met bijgevoegd de producties 37 tot en met 47, van de man;
- op 22 oktober 2021 een brief van 21 oktober 2021, met bijgevoegd een akte vermeerdering van eis met producties 15 tot en met 17, van de vrouw;
- op 22 oktober 2021 een brief van 21 oktober 2021 met bijgevoegd de producties 18 tot en met 20, van de vrouw;
- op 26 oktober 2021 een brief van 25 oktober 2021 met bijgevoegd productie 48, van de man.