Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 20 april 2021
[appellante] ,
1. [geïntimeerde 1] ,
2. Nationale-Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij N.V.,
Het verdere verloop van het geding
De verdere beoordeling
Jij bent in het zomerseizoen van 2011 en 2012 werkzaam geweest bij [naam strandtent] .
In de periode dat jij bij [naam strandtent] hebt gewerkt heb jijniet gezien of gehoord dat collega's of bezoekers zijn gevallen. Ook niet als gevolg van een slechte vloer.
Devloer die binnen in het strandpaviljoen lag was overal gelijk. Er wasgeen sprake van hoogteverschillen of losliggende delen.
Op enig moment zijn jij en mevrouw [appellante] elkaar tegengekomen op de Grote Markt in Den Haag. Zij heeft jou toen verteld dat zij verklaringen aan het inzamelen was om haar schade vergoed te krijgen. Zij heeft jou gevraagd te verklaren dat jij in 2012 werkzaam was bij EI Nino, te verklaren dat de vloer van [naam strandtent] ongelijk was en deze verklaring te ondertekenen.
Jij hebt die verklaring niet afgegeven. Dit omdat jij het gevoel had dat ze verklaringen aan het verzamelen was om een verhaal te creëren terwijler met de vloer van [naam strandtent] niets mis was en deze binnen gelijk was.
In 2012 was jij werkzaam bij [naam strandtent] . Jij werkte daar toen op fulltime basis.
Bij jouw weten zijn er toennooit medewerkers of bezoekers gevallen als gevolg van een scheve/slechte vloer. Ook heeft niemand jou ooit verteld dat er een collega of een bezoeker is gevallen.
In 2015 heeft mevrouw [appellante] jou benaderd met de vraag of jij een verklaring wilde afleggen dat de vloer binnen in [naam strandtent] scheef lag. Jij vertelde mij dat je die verklaring niet hebt willen afleggen omdatin jouw herinnering de vloer binnen gewoon gelijk wasen jijkon je niet herinneren dat de vloer scheef lag. Als jij de verklaring zou afleggen dan zou je voor jouw gevoel liegen.
Verder vertelde je dat mevrouw [appellante] jou later opnieuw heeft benaderd met de vraag of jij wilde verklaren dat de vloer scheef was en of jij wilde verklaren dat jij er zelf ook (vaker) bijna over de vloer bent gestruikeld. Daarop heb jij mevrouw [appellante] gebeld om te zeggen dat dit niet waar was omdat jij je niets kon herinneren van een scheve vloer en zelf niet (bijna) over de vloer bent gestruikeld.
Beslissing
- stelt [geïntimeerde 1] c.s. in de gelegenheid tot het leveren van bewijs als hiervoor onder 40 omschreven;
- bepaalt dat, indien Lodewegs c.s. daartoe getuigen wil doen horen, de getuigenverhoren zullen worden gehouden in een der zittingszalen van het Paleis van Justitie aan de Prins Clauslaan 60 te Den Haag ten overstaan van de hierbij benoemde raadsheer-commissaris mr. D.A. Schreuder, op 2 juli 2021 om 09:00 uur;
- bepaalt dat, indien één der partijen binnen veertien dagen na heden, onder gelijktijdige opgave van de verhinderdata van beide partijen en de te horen getuigen in de maanden oktober tot en met december van 2020, opgeeft dan verhinderd te zijn, de raadsheer-commissaris (in beginsel eenmalig) een nadere datum en tijdstip voor de getuigenverhoren zal vaststellen;
- verstaat dat het hof reeds beschikt over een kopie van de volledige procesdossiers in eerste aanleg en in hoger beroep, inclusief producties, zodat overlegging daarvan voor het getuigenverhoor niet nodig is;
- houdt iedere verdere beslissing aan.