Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
arrest van 1 juni 2021
Inter-PSY GGZ Praktijk B.V.,
Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.,
Interpolis Zorgverzekeringen N.V.,
Avéro Zorgverzekeringen N.V.,
FBTO Zorgverzekeringen N.V.,
Het verloop van de procedure in hoger beroep
Feiten
“2 Inkoopproces
(…)
Informatie instellingen digitaal
alle informatie over de digitale inkoopprocedure voor instellingen wordt gepubliceerd op onze website: (…) Kijk regelmatig op onze website.”
De procedure bij de rechtbank
De vorderingen in hoger beroep
Beoordeling van het hoger beroep
“Naam bestuurders die de overeenkomst ondertekenen: [bestuurder 2] en [bestuurder 1] .Zilveren Kruis heeft daarop per e-mail van 27 juni 2017 aan [manager AZ IPGGZ] medegedeeld dat het niet mogelijk is om twee bestuurders op te nemen in de administratie en dat [bestuurder 2] daarin zal worden vastgelegd. Zilveren Kruis is er derhalve (naast de voor haar toegankelijke informatie uit het handelsregister) ook door [manager AZ IPGGZ] expliciet op gewezen dat bij IPGGZ een twee handtekeningen clausule geldt. Dat Zilveren Kruis uit eigen beweging (en zonder enig contact met [bestuurder 2] en [bestuurder 1] hierover) tot deze vastlegging in haar administratie is overgegaan komt voor haar risico. Hieraan doet niet af dat [manager AZ IPGGZ] akkoord is gegaan met deze vastlegging, omdat zij daartoe niet bevoegd was. Daar komt overigens nog bij dat vast staat dat de overeenkomst ook niet is ondertekend door [bestuurder 2] .
controller[controller] in 2015 digitaal aangevraagde betaalovereenkomst in wezen enkel administratieve doeleinden dient, en niet ziet op het sluiten van een overeenkomst met substantiële financiële belangen, zoals bij het sluiten van een zorgovereenkomst (met omzetplafond) wel het geval is.
Beslissing
opnieuw rechtdoende:
- B. verklaart voor recht dat tussen partijen in 2016 geen “overeenkomst curatieve GGZ 2017” tot stand is gekomen;
- C. veroordeelt Zilveren Kruis tot afrekening van de facturen voor in 2017 gestarte behandelingen naar het toen door Zilveren Kruis gehanteerde ongecontracteerde tarief;
- D. veroordeelt Zilveren Kruis tot terugbetaling van de declaratiebedragen (voor door IPGGZ aan verzekerden van Zilveren Kruis geleverde zorg op in 2017 door IPGGZ gestarte behandelingen) die Zilveren Kruis na het vonnis van 22 mei 2019 heeft verrekend met nadien door IPGGZ ingediende declaratieregels voor in de jaren na 2017 gestarte behandelingen van Zilveren Kruis verzekerden, zulks tot het totaal van het ongecontracteerde tarief voor zorg, als genoemd onder C., te verhogen met de wettelijke rente vanaf 24 maart 2020 tot aan de dag der algehele voldoening;