ECLI:NL:GHDHA:2021:962
Gerechtshof Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens blanco beroepschrift bij tijdige indiening
De man is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Den Haag waarin de echtscheiding tussen partijen werd uitgesproken en de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap werd vastgesteld.
De man stelde dat hij het beroepschrift tijdig per fax had ingediend op de laatste dag van de beroepstermijn, maar het hof ontving enkel een blanco fax van 21 pagina's. Een papieren exemplaar werd pas na het verstrijken van de termijn ingediend. De man voerde aan dat mogelijk sprake was van een storing van het faxapparaat van de griffie, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt.
Het hof oordeelde dat rechtsmiddeltermijnen van openbare orde zijn en strikt moeten worden nageleefd, met uitzondering van bijzondere omstandigheden zoals apparaatsfouten. Omdat andere faxberichten die dag wel correct werden ontvangen en de fax van de man volledig blanco was, werd aangenomen dat de fout voor rekening van de man kwam.
De belangenafweging kon niet leiden tot ontvankelijkheid, mede omdat de situatie niet vergelijkbaar was met eerdere uitspraken van de Hoge Raad. Het verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarverklaring werd afgewezen omdat de beschikking onherroepelijk was geworden.
Het hof verklaarde de man niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep en wees het verzoek tot schorsing af.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens het indienen van een blanco fax op de laatste dag van de beroepstermijn.