Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.Het procesverloop
2.Het wrakingsverzoek
- Aangezien ik deze rechter in een eerdere procedure van mij succesvol heb gewraakt, kan zij niet in een nieuwe procedure van mij alsnog verschijnen; wraking heeft een permanent karakter. Gebleken partijdigheid is immers in rechte vastgesteld.
- Op een eerdere brief van mij aan mr. Mink van 16 januari 2019 is nog altijd niet gereageerd.
- Als gevolg van de onrechtmatige bemoeienis door mr. Mink in eerdere zaken van mij, heb ik mijn oudste zoon nooit meer gezien.
- mr. Mollema-de Jong is eerder betrokken geweest. Het gaat om zaaknummer 200.161.966. Mr. Mollema-de Jong pleegt valsheid in geschrifte, nu zij letterlijk stelt: “Mij is niet bekend op welke zaak de heer [verzoeker] doelt. Hij heeft niet onderbouwd in welk jaar, onder welk zaaknummer en op welke datum zijn verzoek destijds is afgewezen.”
- Mr. Mollema-de Jong heeft inconsistent en onrechtmatig gehandeld door in een eerdere zaak van mij wel mijn recht op omgang met mijn dochter te erkennen, maar geen uitvoerbare omgangsregeling op te leggen.
- Mr. Mollema-de Jong heeft zich in een eerdere procedure van mij schuldig gemaakt aan leugens.
- Mr. Mollema-de Jong beweert dat de zitting in de hoofdzaak al was gesloten nadat ik had gewraakt. Ook dat is valsheid in geschrifte. Ik had reeds aan het begin van de zitting gewraakt.