Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 12 december 2024
[X] te [Z] , belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Lisse, de Heffingsambtenaar,
Procesverloop
€ 1.185;
€ 10,69;
vergoeden.”
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Den Haag
Belanghebbende is eigenaar van een geschakelde patio-woning die voor het kalenderjaar 2022 een WOZ-waarde van €446.000 had gekregen. Na bezwaar en beroep bij de Rechtbank werd deze waarde verlaagd naar €415.000 en werd de aanslag onroerendezaakbelastingen dienovereenkomstig verminderd. De Rechtbank wees het verzoek om vergoeding van immateriële schade af en stelde de proceskostenvergoeding vast met een wegingsfactor van 0,5, wat neerkwam op €1.185, en een vergoeding voor het taxatierapport van €10,69.
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat de wegingsfactor onjuist was toegepast en dat de vergoeding voor het taxatierapport te laag was, verwijzend naar richtlijnen van de belastingkamers. Het Hof oordeelde dat de Rechtbank de zaak terecht als licht had beoordeeld en dat de toegepaste wegingsfactor passend was. Daarnaast was niet aannemelijk gemaakt dat de deskundige meer dan tien minuten aan het taxatierapport had besteed, waardoor de vergoeding voor het rapport terecht laag was vastgesteld.
Het Hof besloot het hoger beroep ongegrond te verklaren en bevestigde daarmee de uitspraak van de Rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan de heffingsambtenaar. De uitspraak werd op 12 december 2024 in het openbaar uitgesproken en partijen kunnen binnen zes weken beroep in cassatie instellen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank wordt bevestigd.