ECLI:NL:GHDHA:2024:2597
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen vaststelling griffierecht wegens te late draagkrachtverklaring ongegrond verklaard
Loterijverlies B.V. kwam in verzet tegen de vaststelling van het griffierecht in een hoger beroepprocedure tegen Staatsloterij B.V. Het verzet betrof de toepassing van het lagere griffierechtstarief voor onvermogenden, onderbouwd met een draagkrachtverklaring die echter pas na de eerste roldatum werd ingediend.
Het hof overwoog dat het griffierecht op de eerste roldatum wordt geheven en dat een draagkrachtverklaring tijdig moet zijn ingediend om het lagere tarief te kunnen toepassen. De verklaring van Loterijverlies was te laat, en omstandigheden die dit zouden rechtvaardigen werden niet aannemelijk gemaakt.
Verder wees het hof erop dat procesvertegenwoordiging verplicht is en dat de advocaat van Loterijverlies geacht wordt bekend te zijn met de regels omtrent griffierechten en verzet. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard en het griffierecht bleef ongewijzigd.
Uitkomst: Het verzet van Loterijverlies tegen de vaststelling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard vanwege te late indiening van de draagkrachtverklaring.