ECLI:NL:GHDHA:2025:2391
Gerechtshof Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep: Werkgever hoeft werknemer geen oorspronkelijke werkzaamheden meer aan te bieden
In deze arbeidsrechtelijke procedure stond centraal of werkgever dwangsommen had verbeurd wegens het niet toelaten van werknemer tot overeengekomen werkzaamheden. De kantonrechter had werkgever veroordeeld om werknemer toe te laten tot schoonmaakwerkzaamheden bij een opdrachtgever, met een dwangsom bij niet-naleving.
Het hof beoordeelde dat werknemer niet meer kon terugkeren naar haar oorspronkelijke werkzaamheden bij de inlener, omdat de opdrachtgever had aangegeven geen behoefte meer aan haar schoonmaakdiensten te hebben. Werkgever had daarop passende alternatieve werkzaamheden aangeboden, namelijk het schoonmaken van auto's, wat passend was gezien de aard van het bedrijf.
Het hof concludeerde dat werkgever aan de veroordeling had voldaan en dus geen dwangsommen had verbeurd. Het hoger beroep van werkgever werd gegrond verklaard, het vonnis van de kantonrechter vernietigd en de vorderingen van werknemer afgewezen. Tevens werd werknemer veroordeeld in de proceskosten van zowel eerste aanleg als hoger beroep.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en oordeelt dat werkgever aan haar verplichtingen heeft voldaan door werknemer passende alternatieve werkzaamheden aan te bieden, waardoor geen dwangsommen zijn verbeurd.