Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- het beroepschrift van 9 september 2025, met bijlagen 5-11, waarmee Chugoku in hoger beroep is gekomen van de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Rotterdam van 13 augustus 2025
- het verweerschrift van [verweerder] , tevens houdende incidenteel hoger beroep, met bijlage 1
- het verweerschrift in incidenteel hoger beroep van Chugoku
- de akte overlegging nadere stukken van [verweerder] , met bijlagen 12-14.
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de kantonrechter, executiegeschil, verzoeken in hoger beroep
5.Beoordeling in hoger beroep
Kamerstukken II 2019-2020, 35 498, nr. 3, p. 49).
- niet Polsteam maar Dalian de koper is
- niet zijzelf maar haar zustermaatschappij CMP China de verkoper is
- zijzelf (aldus) niet over de gevraagde gegevens beschikt, en
- CMP China weigert om de gevraagde gegevens met haar te delen.
- een
- een overeenkomst van 24 oktober 2022 tussen Chugoku en CMP China (Hongkong) waarin Chugoku een vergoeding van USD 7.000,- per schip krijgt toegekend, voor consultancy (‘Including Cash, Free stock paints, Commission’) in relatie tot acht nieuwbouwschepen voor Polsteam;
- een schriftelijke verklaring van 17 juli 2025 van [managing director] , de managing director van CMP China (Shanghai), waarin deze samengevat verklaart dat CMP China (Shanghai) verf heeft geleverd en levert aan Dalian voor de nieuwbouwschepen van Polsteam en dat zij de door [verweerder] gevraagde gegevens niet wil aanleveren, vanwege de commerciële gevoeligheid van die gegevens en het feit dat zij tegenover Dalian tot geheimhouding verplicht is;
- een e-mail van 27 augustus 2025 waarin [bestuurder 1] , bestuurder van Chugoku, tegenover [managing director] melding maakt van de veroordelende beschikking in de onderhavige zaak, met vermelding van de dwangsom voor Chugoku en de geheimhoudingsplicht voor [verweerder] ten aanzien van de gevraagde gegevens, met nogmaals het verzoek om de gevraagde gegevens te verstrekken;
- een aanvullende schriftelijke verklaring van [managing director] van 28 augustus 2025, waarin hij nader toelicht dat en waarom CMP China (Shanghai) de gevraagde gegevens niet verstrekt;
- een e-mail van 1 september 2025 van [bestuurder 2] , bestuurder van Chugoku, waarin hij samengevat schrijft dat [managing director] hem desgevraagd heeft meegedeeld te volharden in zijn weigering, ondanks de veroordelende beschikking.
owner’s benefitsen overige relevante informatie. De volgende dag heeft [betrokkene] Polsteam het hiervoor in 3.4 beschreven Owner’s Benefits Package aangeboden. Polsteam heeft vervolgens voor CMP-verf gekozen. Binnen CMP moet Chugoku daarom worden aangemerkt als degene die de verkoop heeft gerealiseerd.
Maker[s] selected by Seller. Dit zijn dus, volgens de toelichting van Chugoku, leveranciers die de werf – als verkoper van de schepen – heeft geselecteerd voor de diverse items van de nieuwbouwschepen. Dalian had CMP China geselecteerd als verfleverancier. Chugoku was contactpersoon voor Polsteam, maar dat maakte haar nog niet tot verkoper, noch Polsteam tot koper van de verf. Chugoku heeft slechts een aantal voordelen aan Polsteam aangeboden om haar als koper van Dalian te doen kiezen voor (gebruikt door Dalian van) CMP-verf, te verkopen en te leveren door CMP China (waarbij de upgrade feitelijk moest worden gerealiseerd binnen de relatie CMP China-Dalian, en die daar aldus ook is afgestemd). Aldus, steeds, Chugoku. Deze lezing van de feiten wordt niet ontkracht door het relaas van [verweerder] en komt het hof ook niet onaannemelijk voor. Hiervoor is niet van belang of [verweerder] en/of Chugoku al dan niet een belangrijke of beslissende rol heeft gespeeld bij de selectie door Dalian van de verf van CMP China en/of de instemming van Polsteam daarmee.
7.Beslissing
- veroordeelt [verweerder] in de kosten van de procedure in eerste aanleg, aan de zijde Chugoku begroot op € 2.174,-;
- veroordeelt [verweerder] in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van Chugoku begroot op € 4.886,-;
- bepaalt dat als [verweerder] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en deze beschikking vervolgens wordt betekend, hij de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 98,-.
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.