Uitspraak
1.[appellant 1] ,
[appellant 2] ,
1.WOONSTICHTING STEK,
1.De zaak in het kort
2.Procesverloop in hoger beroep
- de dagvaarding van 31 juli 2025 met grieven en bijlagen, tevens houdende een incidentele vordering tot schorsing van de uitvoerbaar bij voorraadverklaring, waarmee [appellant 1] c.s. in hoger beroep zijn gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag (zittingsplaats Leiden) van 25 juni 2025 (het bestreden vonnis);
- de conclusie van antwoord in het incident van 26 augustus 2025;
- de e-mail van 8 september 2025 tot intrekking van de vordering in het incident;
- de memorie van antwoord van 21 oktober 2025 met bijlagen.
3.Feitelijke achtergrond
4.Procedure bij de rechtbank
5.Vorderingen in hoger beroep
6.Beoordeling in hoger beroep
Onvoldoende gesteld voor duurzame gemeenschappelijke huishouding
Conclusie en proceskosten
salaris advocaat € 1.290,- (1 punt × tarief II)
nakosten € 189,-(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 2.306,-
7.Beslissing
- wijst de reconventionele vordering tot uitvoerbaarheid bij voorraad van de veroordeling tot ontruiming af;
- bekrachtigt het bestreden vonnis voor het overige;
- wijst het in hoger beroep meer of anders gevorderde af;
- veroordeelt [appellant 1] c.s. in de kosten van het incident, aan de zijde van Stek begroot op nihil;
- veroordeelt [appellant 1] c.s. in de kosten van de procedure in hoger beroep, aan de zijde van Stek begroot op € 2.306,-;
- bepaalt dat als [appellant 1] c.s. niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak hebben voldaan en dit arrest vervolgens wordt betekend, [appellant 1] c.s. de kosten van die betekening moeten betalen, plus extra nakosten van € 98,-.