ECLI:NL:GHLEE:2007:BB8288
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Kuiper
- Verschuur
- Breemhaar
- Streppel
- Rechtspraak.nl
Nietigheid aanbiedingsplicht en optierecht in samenwerkingsovereenkomst wegens strijd mededingingsrecht
In deze zaak stond de rechtsgeldigheid van een aanbiedingsplicht, optierecht en postcontractueel non-concurrentiebeding in een samenwerkingsovereenkomst tussen Prisma c.s. en [appellanten] centraal. Het hof oordeelde dat deze bepalingen de concurrentie merkbaar beperken op de markt voor franchisediensten aan zelfstandige supermarkten en daarmee in strijd zijn met artikel 6 lid 1 van Pro de Mededingingswet (MW).
Het hof stelde vast dat het optierecht en de aanbiedingsplicht ertoe leiden dat [appellanten] na beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst verplicht zijn hun bedrijf en onroerende zaken uitsluitend aan Prisma c.s. aan te bieden tegen een vooraf vastgestelde prijs, waardoor het praktisch onmogelijk wordt om over te stappen naar een concurrerende formule. Dit werd niet gecompenseerd door het feit dat Prisma Food en Prisma Vastgoed gescheiden vennootschappen zijn, omdat zij tot hetzelfde concern behoren.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat het optierecht zelfstandig kan bestaan, maar het hof stelde vast dat het optierecht en de aanbiedingsplicht samen met het non-concurrentiebeding een onaanvaardbare beperking vormen. Het hof verwierp het beroep op de groepsvrijstelling verticalen en het verzoek tot conversie van de nietige bepalingen in minder vergaande, toegestane beperkingen.
De nietigheid van de aanbiedingsplicht en het optierecht raakt slechts een deel van de koopovereenkomst, waardoor de gehele koopovereenkomst niet nietig is. De vorderingen van Prisma c.s. tot overdracht van het onroerend goed en de onderneming werden afgewezen. Prisma c.s. werden veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof verklaart het optierecht en de aanbiedingsplicht nietig en wijst de vorderingen van Prisma c.s. af.