ECLI:NL:GHLEE:2008:BG5284
Gerechtshof Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Huiskes
- G.M. van der Meer
- S.A.W.J. Strik
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid premies lijfrente na verkoop landbouwbedrijf en oprichting BV
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een aanslag inkomstenbelasting over 1999 waarbij zij premies voor lijfrenten wilde aftrekken die zij had voldaan in verband met de overdracht van haar agrarische onderneming aan een BV. De inspecteur heeft dit bezwaar ongegrond verklaard.
De zaak is behandeld in samenhang met een soortgelijke zaak van de echtgenoot van belanghebbende, waarbij het hof reeds had geoordeeld dat geen sprake was van een reële voortzetting van de onderneming binnen de BV, omdat vooraf al vaststond dat de onderneming in Nederland zou worden geliquideerd. De Hoge Raad heeft dit oordeel bevestigd.
In de onderhavige zaak heeft belanghebbende betoogd dat zij wel heeft gestaakt maar dat de BV de onderneming zou hebben voortgezet, en dat de lijfrenteaftrek daarom wel toekomt. Het hof oordeelt dat uit de stukken, waaronder de jaarrekening en de maatschapsakte in Duitsland, niet blijkt dat de onderneming in Nederland binnen de BV is voortgezet. De onderneming is feitelijk gestaakt en verplaatst naar Duitsland, waarbij de BV alleen contanten inbracht.
Het hof bevestigt dat de premies voor lijfrenten niet aftrekbaar zijn, verwijst naar eerdere arresten van de Hoge Raad en wijst het beroep af. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en vertrouwensbeginsel slaagt niet. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting wordt gehandhaafd zonder aftrek van premies voor lijfrenten.