ECLI:NL:GHLEE:2008:BG9955
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep kort geding
- Mollema
- Kuiper
- De Hek
- Rechtspraak.nl
Executoriale titel vereist voor beslag op echtscheidingsconvenant niet voldaan
In deze zaak stond de vraag centraal of een aan een echtscheidingsbeschikking gehecht convenant een voor executie vatbare titel vormt voor het leggen van beslag. Het hof oordeelde dat niet elk convenant dat aan een echtscheidingsbeschikking is gehecht automatisch een executoriale titel oplevert. Dit hangt af van de duidelijke redactie van het convenant.
Het hof stelde vast dat de passages waarover partijen twisten niet eenduidig zijn geformuleerd en dat nadere uitleg nodig is die niet thuishoort in een executieprocedure. De executieprocedure is immers niet bedoeld voor het verkrijgen van een verklaring voor recht over de uitleg van partijafspraken.
Het hof benadrukte dat de toetsing van de executoriale titel van openbare orde is, mede vanwege het belang van rechtszekerheid voor partijen en derden, zoals de beslagene. Omdat partijen zelf niets ter zake hadden aangevoerd, vulde het hof de rechtsgronden aan en oordeelde dat het beslag opgeheven moet worden.
Ten slotte vernietigde het hof het vonnis waarvan beroep, beval de opheffing van het beslag en legde de proceskosten ieder aan eigen zijde. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het gerechtshof beval opheffing van het executoriaal beslag omdat het convenant geen voor executie vatbare titel oplevert.