ECLI:NL:GHLEE:2011:BR6120
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake schadevergoeding na executieveiling woonboerderij door inbraak tussen afmijning en gunning
In deze zaak gaat het om een geschil tussen [appellant] en Aegon over schade aan een woonboerderij die werd verkocht op een executieveiling. [Appellant] bracht een bod uit op 30 mei 2006 en kreeg de woning gegund op 31 mei 2006. In de periode tussen het bod en de gunning werd de woning beschadigd door inbraak, waarbij onder meer de keuken en glazen deuren werden verwijderd en de garagedeur beschadigd.
[Appellant] vorderde van Aegon een schadevergoeding van € 22.750,-, maar de rechtbank wees deze af. Het hof oordeelt dat de risicoverdeling zoals neergelegd in artikel 7:19 BW Pro en de Algemene Veilingvoorwaarden voor Executieveilingen 2006 niet voorziet in schade die ontstaat tussen het uitbrengen van het bod en de gunning. Daarom is Aegon als verkoper aansprakelijk voor deze schade.
Het hof wijst het bewijs toe aan [appellant] om aan te tonen dat de schade daadwerkelijk heeft plaatsgevonden in de genoemde periode en dat de kosten van reparatie en vervanging € 22.500,- bedragen. Het hof wijst de zaak aan voor getuigenverhoor en houdt verdere beslissing aan, met het advies aan partijen om een minnelijke regeling te overwegen.
Uitkomst: Het hof staat bewijslevering toe en houdt verdere beslissing aan over de schadevergoeding voor beschadiging tussen bod en gunning.