ECLI:NL:GHLEE:2011:BU8291
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- K.E. Mollema
- M.E.L. Fikkers
- M.C.D. Boon-Niks
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toepasselijk huurrechtregime bij verbonden panden en opzegging huurovereenkomst
B&M Projectontwikkeling B.V. huurde vanaf 1995 een pand en vanaf 2006 een kelderruimte van Overvast B.V., terwijl zij tevens een verdieping met dakterrassen van de gemeente Groningen huurde, verbonden door een luchtbrug. De gemeente had plannen voor stadsvernieuwing die sloop van het pand aan [adres] voorzagen. Overvast zegde de huurovereenkomst van het pand en de kelder op tegen 31 december 2009, primair onder toepassing van artikel 7:230a BW.
B&M weigerde ontruiming en stelde dat het huurregime van artikel 7:290 BW Pro van toepassing was vanwege de verbinding met het pand van de gemeente en de horecafunctie aldaar. Tevens verzocht B&M de gemeente in vrijwaring te mogen oproepen wegens vermeende onrechtmatige samenwerking met Overvast.
Het hof oordeelde dat de huurovereenkomsten onder het regime van artikel 7:230a BW vallen en dat de opzegging rechtsgeldig was zonder dat een belangenafweging door de rechter nodig was. De vordering tot oproeping van de gemeente in vrijwaring werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en het risico van onaanvaardbare vertraging van de hoofdzaak. De subsidiaire vorderingen van B&M werden niet-ontvankelijk verklaard. Het hof bekrachtigde de vonnissen van de kantonrechter en veroordeelde B&M in de kosten.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat het huurregime van artikel 7:230a BW van toepassing is en verklaart de opzegging door Overvast rechtsgeldig.