ECLI:NL:GHLEE:2012:BV8941
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over recht op aftrek omzetbelasting motorkruiser bij verhuur
Belanghebbende liet een motorkruiser bouwen en bracht de betaalde omzetbelasting in aftrek. De Inspecteur stelde dat belanghebbende niet als ondernemer kon worden aangemerkt omdat de motorkruiser niet duurzaam voor economische activiteiten (verhuur) werd gebruikt. Na een eerdere afwijzing door de rechtbank stelde belanghebbende hoger beroep in.
Het Hof onderzocht of belanghebbende tijdens de bouw en na oplevering de motorkruiser met het oog op verhuur heeft laten bouwen en daadwerkelijk voor dat doel in gebruik heeft genomen. Het Hof oordeelde dat enkel een wilsverklaring en het aanvragen van een omzetbelastingnummer onvoldoende zijn zonder objectieve gegevens die duiden op commerciële exploitatie.
Verder concludeerde het Hof dat belanghebbende de motorkruiser in 2005 uitsluitend privé gebruikte en pas in 2006 en 2007 beperkt verhuurde, waarbij de verhuurvoorwaarden sterk afweken van die van een doorsnee charterbedrijf. De gebreken aan het schip waren onvoldoende om verhuur in 2005 uit te sluiten. Het vertrouwensbeginsel faalde omdat de Inspecteur duidelijk had gemaakt dat het ondernemerschap nader onderzocht zou worden.
Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De naheffingsaanslag omzetbelasting en heffingsrente blijven gehandhaafd, terwijl de boetebeschikking eerder was vernietigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag omzetbelasting blijft gehandhaafd.