ECLI:NL:GHLEE:2012:BW7271
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.E.L. Fikkers
- R.A. Zuidema
- E.C. Smits
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag en vakantiedagen
Appellant, sinds 1986 als chauffeur in dienst bij geïntimeerde, werd in 2010 ontslagen wegens bedrijfseconomische redenen na een periode van financiële verliezen en ziekte-uitval. Hij vorderde schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag op grond van een vermeende voorgewende reden en het gevolgencriterium, alsmede vergoeding van niet-genoten vakantiedagen.
De kantonrechter wees de vorderingen af, maar appellant ging in hoger beroep met veertien grieven. Het hof bevestigde dat de reden voor ontslag niet vals of voorgewend was, gelet op de salmonella-uitbraak, financiële verliezen en beëindiging van klantenrelaties. Het hof oordeelde tevens dat het gevolgencriterium faalt vanwege het ontbreken van financiële middelen bij geïntimeerde.
Ten aanzien van de vakantiedagen oordeelde het hof dat appellant zijn vordering voldoende had onderbouwd en gelastte een comparitie om de berekening van de niet-genoten vakantiedagen te herzien conform de toepasselijke CAO. De zaak werd aangehouden voor het overige, met ruimte voor partijen om een regeling te treffen.
Uitkomst: Het hof wijst de schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag af, maar gelast een comparitie voor herberekening van vakantiedagenvergoeding.