ECLI:NL:GHLEE:2012:BY0636
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling teruggaaf omzetbelasting bij niet-identificeerbare leverancier
Belanghebbende, een vennootschap onder firma actief in de groothandel van telecommunicatieapparatuur, verzocht teruggaaf van omzetbelasting over september en oktober 2003. De Inspecteur weigerde deze teruggaaf, waarna belanghebbende bezwaar maakte en in eerste aanleg gedeeltelijk gelijk kreeg. In hoger beroep staat centraal of de leverancier G als ondernemer kan worden aangemerkt en of de facturen voldoen aan de wettelijke vereisten.
Uit onderzoek bleek dat G ten tijde van de leveringen niet bekend was bij de Belastingdienst en niet kon worden getraceerd op de opgegeven adressen. De facturen van G ontbraken het vereiste btw-nummer en voldeden niet aan de eisen van artikel 35 van Pro de Wet op de omzetbelasting. Belanghebbende stelde dat zij niet gehouden was de identiteit van haar leveranciers te verifiëren en dat het nultarief terecht was toegepast op de uitvoer naar Bulgarije.
Het Hof oordeelde dat de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat G geen ondernemer was in de zin van de Wet en dat de facturen niet rechtsgeldig waren. De stellingen van belanghebbende konden dit niet weerleggen. Het Hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank en wees het hoger beroep af, waarmee de weigering van teruggaaf van voorbelasting standhield.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van teruggaaf van voorbelasting wordt bevestigd.