ECLI:NL:GHLEE:2012:BY5316
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verjaring vordering geldlening DSB wegens ontbreken bewijs stuiting
DSB Financieringen B.V. vorderde betaling van een bedrag van €3.480,66 van geïntimeerde op grond van een kredietovereenkomst die volgens DSB was gesloten. Geïntimeerde betwistte het bestaan van deze overeenkomst en voerde subsidiair verjaring aan, stellende dat hij geen aanmaningen of sommatiebrieven had ontvangen in de afgelopen vijf jaar.
De kantonrechter oordeelde dat DSB onvoldoende had weersproken dat de overeenkomst niet was gesloten en dat de vordering was verjaard. DSB ging in hoger beroep en stelde dat de verjaring was gestuit door aanmaningen en sommatiebrieven die aan geïntimeerde waren verzonden.
Het hof oordeelde dat DSB de bewijslast droeg voor het stuiten van de verjaring en dat het enkel overleggen van aanmaningen gericht aan het juiste adres onvoldoende bewijs was dat deze brieven geïntimeerde daadwerkelijk hadden bereikt. Omdat DSB geen voldoende bewijsaanbod had gedaan, kon het hof niet vaststellen dat de verjaring was gestuit.
Daarom werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd en werd DSB veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. De vordering werd als verjaard afgewezen.
Uitkomst: De vordering van DSB is verjaard en afgewezen; het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.