ECLI:NL:GHSGR:2004:AP3229
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Reinking
- Van Strien
- Van den Berg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel in illegale vuurwerkhandel en ontnemingsmaatregel
De veroordeelde, eigenaar en grootaandeelhouder van meerdere rechtspersonen, werd in hoger beroep geconfronteerd met de vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel uit illegale vuurwerkhandel over de jaren 1994 tot en met 1997. Het hof baseerde zich op gedetailleerde rapporten van politie en forensische accountants, waarbij het de brutowinst en aftrekbare kosten nauwkeurig herrekende, rekening houdend met correcties zoals btw-verrekening en niet-aannemelijke kostenposten.
De berekening resulteerde in een wederrechtelijk voordeel van €958.107,09, lager dan het eerdere vonnis van de rechtbank. Het hof achtte aannemelijk dat de veroordeelde als feitelijk leidinggevende en grootaandeelhouder het gehele voordeel heeft genoten, mede gelet op zijn controle over de geldstromen binnen zijn bedrijven.
Het hof oordeelde dat de behandeling van de zaak niet binnen een redelijke termijn had plaatsgevonden, wat meewoog in de matiging van het ontnemingsbedrag. Verder verwierp het hof het draagkrachtverweer van de veroordeelde, gezien diens opleiding en vermogen om inkomen te genereren.
De beslissing vernietigde het eerdere vonnis en legde de veroordeelde de verplichting op tot betaling van €955.000,- aan de Staat, met inachtneming van reeds gedane betalingen door betrokken rechtspersonen.
Uitkomst: Het hof stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €958.107,09 en legde de veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen.