ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ1677
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Tijnagel
- Savelbergh
- Van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep vennootschapsbelasting wegens ontbreken vervangingsvoornemen
Belanghebbende B.V. maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting 1998, waarin zij werd aangeslagen voor een belastbaar bedrag van ƒ 3.497.243. Het bezwaar werd afgewezen en het Gerechtshof Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond. De Hoge Raad vernietigde deze uitspraak en verwees de zaak terug naar het Hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
In het vervolgproces stond centraal of belanghebbende op 31 maart 1999 het voornemen had om de in 1998 vervreemde onroerende zaken te vervangen. Belanghebbende stelde dit voornemen te hebben, de Inspecteur ontkende dit. Het Hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende feiten en omstandigheden aannemelijk had gemaakt waaruit een vervangingsvoornemen kon worden afgeleid, mede gelet op het concernverband waarbij belanghebbende betrokken was.
De schriftelijke verklaring van een zaakvoerster en een garantie in een aandelenoverdrachtakte waren onvoldoende om het voornemen te bewijzen. Ook latere handelingen, zoals een overeenkomst uit 2002, konden dit niet wijzigen. Het Hof verklaarde het beroep ongegrond en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag vennootschapsbelasting 1998 wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van het vervangingsvoornemen.