ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ4511
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Stille
- Pannekoek-Dubois
- Plaggemars
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en toerekening advocaatkosten na strafrechtelijke veroordeling
In deze zaak staat de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap centraal na ontbinding van het geregistreerd partnerschap. De man kwam in hoger beroep tegen een beschikking van de rechtbank over de verdeling van de gemeenschap en de toerekening van diverse schulden en kosten.
De man stelde onder meer dat de eenmanszaak van de dochter niet tot de gemeenschap behoorde en dat bepaalde schulden, zoals een doorlopend krediet en een navordering van de fiscus, ten onrechte in de verdeling waren betrokken. Het hof bevestigde dat de eenmanszaak niet tot de gemeenschap behoorde en verwierp de stellingen over het krediet en de navordering wegens gebrek aan bewijs.
Een belangrijk geschilpunt betrof de advocaatkosten die de man maakte in verband met een strafrechtelijke procedure tegen hem. Het hof oordeelde dat deze kosten als bijzonder verknochte schulden aan de man toekomen, mede gelet op de aard en zwaarte van het delict waarvoor hij onherroepelijk is veroordeeld. Ook de door de man betaalde schadevergoeding aan het slachtoffer werd volledig aan hem toegerekend.
Daarnaast werd de man veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 19.548,50 aan de vrouw wegens overbedeling en tot medewerking aan het ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire schulden verbonden aan de echtelijke woning. Het hof bekrachtigde verder de bestreden beschikking voor het overige en wees overige verzoeken af.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot betaling van € 19.548,50 aan de vrouw en tot medewerking aan haar ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire schulden.