ECLI:NL:GHSGR:2006:AZ5772
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.H. de Wild
- A.E.A.M. van Waesberghe
- J.P. Heering
- Rechtspraak.nl
Beoordeling individuele buitensporige last onder Wet herstructurering varkenshouderij
De varkenshouders stelden dat de weigering van de Staat om varkensrechten toe te kennen onrechtmatig was en in strijd met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Zij vorderden registratie van hun varkensrechten en compensatie voor schade door de Wet herstructurering varkenshouderij (Whv).
De rechtbank verklaarde hen niet-ontvankelijk in hun primaire vorderingen en wees ook de subsidiaire vorderingen af. In hoger beroep legden de varkenshouders zich neer bij de niet-ontvankelijkheid van hun primaire vorderingen en richtten zich op de subsidiaire vorderingen.
Het hof oordeelde dat de situatie van de varkenshouders geen individuele buitensporige last vormt. Voor de akkerbouwers gold dat zij vergelijkbaar waren met andere akkerbouwbedrijven en voor de varkenshouder met nog niet voltooide stallen was geen sprake van regulering of ontneming van rechten. Ook was er geen sprake van onrechtmatig overheidsbeleid of onvoorspelbaarheid.
Het hof vernietigde het vonnis voor zover het de niet-ontvankelijkheid van de subsidiaire vorderingen betrof, maar wees deze vorderingen af en bekrachtigde het vonnis voor het overige. De varkenshouders werden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De subsidiaire vorderingen van de varkenshouders worden afgewezen wegens het ontbreken van een individuele buitensporige last.