ECLI:NL:GHSGR:2009:BK1398
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verjaring en aansprakelijkheid bodemverontreiniging op voormalig spoorwegemplacement
In deze zaak gaat het om een geschil tussen NS en Total over de aansprakelijkheid en verjaring van vorderingen wegens bodem- en grondwaterverontreiniging op het voormalige Petroleumterrein te Arnhem.
NS stelde Total aansprakelijk voor de kosten van sanering en schadevergoeding. Total voerde verjaring aan, primair op basis van het oude recht en subsidiair op grond van de nieuwe verjaringregels. NS betoogde dat Total haar aansprakelijkheid had erkend door saneringsactiviteiten en overleg, waardoor de verjaring was gestuit.
Het hof oordeelde dat erkenning van aansprakelijkheid ontbrak, omdat de inspanningen van Total tot sanering niet als erkenning van het recht op schadevergoeding konden worden gezien. Ook was er geen schriftelijke of ondubbelzinnige mededeling die de verjaring had gestuit. De verjaringstermijn was derhalve verlopen, waardoor de vordering van NS werd afgewezen.
Daarnaast wees het hof de vordering van Total af om kosten van sanering en monitoring op grond van onverschuldigde betaling of ongerechtvaardigde verrijking te verhalen, omdat deze kosten voortvloeiden uit een contractuele verplichting jegens NS.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter, veroordeelde NS in de proceskosten en wees het incidentele beroep van Total af.
Uitkomst: De vordering van NS wegens bodemverontreiniging is verjaard en afgewezen; de kostenvordering van Total is eveneens afgewezen.