ECLI:NL:GHSGR:2009:BL5507
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering hypotheekrenteaftrek voor woning in China
Belanghebbende, die in Nederland werkt maar een eigen woning in China bezit, vorderde aftrek van hypotheekrente voor die woning in zijn Nederlandse belastingaangifte over 2005. De Inspecteur weigerde deze aftrek, waarop belanghebbende bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank, die het bezwaar ongegrond verklaarde.
In hoger beroep bij het Gerechtshof 's-Gravenhage werd bevestigd dat op grond van artikel 7.2, tweede lid, onderdeel f, van de Wet inkomstenbelasting 2001 de rente op een eigen woningschuld alleen aftrekbaar is indien de woning in Nederland is gelegen. De woning van belanghebbende bevindt zich in China, zodat de aftrek niet mogelijk is.
Het Hof oordeelde verder dat de door belanghebbende aangevoerde bijzondere omstandigheden, waaronder het dragen van alle lasten van de woning in China, geen aanleiding geven om van de wettelijke regeling af te wijken. Ook het beroep op redelijkheid en billijkheid slaagt niet, omdat de wet een limitatieve opsomming geeft van aftrekbare elementen en de rechter de billijkheid van de wet niet mag toetsen.
Belanghebbende voerde tevens aan dat de persoonsgebonden aftrek voor onderhoudskosten van zijn echtgenote ten onrechte werd geweigerd, maar herhaalde slechts zijn eerdere standpunten zonder nieuwe argumenten. Het Hof bevestigde de eerdere uitspraak en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De proceskosten werden niet aan een van de partijen toegewezen. De uitspraak werd op 10 november 2009 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van hypotheekrenteaftrek voor de woning in China bevestigd.