ECLI:NL:GHSGR:2010:BL6411
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.V. van den Berg
- J. Kramer
- J.C.N.B. Kaal
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake last onder dwangsom en verzet tegen dwangbevel exportverbod afvalstoffen
USA exploiteert een terrein in de haven van Amsterdam waar roerende zaken voor uitvoer worden behandeld. De minister van VROM legde USA een last onder dwangsom op wegens overtreding van uitvoerverboden van bepaalde afvalstoffen naar niet-OESO-landen. Na constateringen van zeven overtredingen tijdens controles in januari 2006, werd een dwangbevel tot betaling van €10.500,- uitgevaardigd.
USA stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat zij als stuwadoor niet medeverantwoordelijk kon worden gehouden voor de overtredingen, dat de last te breed was geformuleerd, en dat de formele rechtskracht van de last niet zonder meer kon worden aangenomen. Tevens voerde zij aan dat zij feitelijk en juridisch niet in staat was de overtredingen te voorkomen.
Het hof oordeelde dat de toetsing van de last onder dwangsom beperkt is en dat USA de mogelijkheid had om de geldigheid van de last bestuursrechtelijk aan te vechten. De formele rechtskracht van de last staat niet ter discussie, ook niet vanwege de algemene formulering. USA heeft geen feiten aangevoerd die aantonen dat zij niet in staat was de overtredingen te voorkomen. Het hof bevestigde dat de dwangsommen terecht zijn verbeurd en wees het verzet tegen het dwangbevel af.
Ten slotte verwierp het hof het beroep op artikel 430 lid 3 Rv Pro en bevestigde het vonnis van de rechtbank, inclusief de kostenveroordeling ten laste van USA.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzet van USA tegen het dwangbevel af.