ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ7639
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- R.R.M. de Moor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schorsing concurrentiebeding bij overgang naar nieuwe functie met schriftelijkheidsvereiste
De werknemer trad in 2005 in dienst bij Aquadelta met een concurrentiebeding in het bedrijfsreglement. In 2006 sloot hij een nieuwe arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als manager Marketing & Sales, waarin werd verwezen naar het bedrijfsreglement. Na opzegging trad hij in 2010 in dienst bij een concurrent, Libéma, waarna Aquadelta het concurrentiebeding inroept.
De werknemer betoogde dat het concurrentiebeding niet geldig was omdat het niet expliciet in de nieuwe arbeidsovereenkomst was overeengekomen en dat de nieuwe functie het beding zwaarder liet drukken. Ook stelde hij dat Libéma geen concurrerend bedrijf was en dat het beding geschorst moest worden vanwege zijn belangen.
De kantonrechter oordeelde dat het beding niet opnieuw was overeengekomen en schorste het concurrentiebeding. Het hof stelde echter dat door de schriftelijke verwijzing en akkoordverklaring met het bedrijfsreglement het schriftelijkheidsvereiste was vervuld en het beding geldig was. Het hof oordeelde dat Libéma wel als concurrent kon worden aangemerkt en dat het beding van toepassing was. De belangenafweging leidde echter tot handhaving van het beding, maar met erkenning van de belangen van de werknemer.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde Aquadelta in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat het concurrentiebeding geldig is en handhaaft het, waardoor de werknemer bij de concurrent mag werken.